Het jubileumjaar 1922

Deze foto werd vermoedelijk in 1920 gemaakt. Het (nieuwe) vaandel werd op 12 april dat jaar door de heer J.E. Prakke geschonken.

Deze foto werd vermoedelijk in 1920 gemaakt. Het (nieuwe) vaandel werd op 12 april dat jaar door de heer J.E. Prakke geschonken.

Het ledental van Euphonia daalde van 22 leden in 1897 tot 16 in 1905.  Daarna steeg het geleidelijk tot 35 in 1922.  Lehman Heijmans was nog steeds president, terwijl Bart Floors van 1905 of eerder tot 1921 als penningmeester fungeerde.  G. Jellij was van 1910-1921 secretaris.  Deze bestuursleden hebben de vereniging door de moeilijkheden tijdens de splitsing en later door de perikelen van de Eerste Wereldoorlog heen geholpen.  Behalve Heijmans waren onderdirecteur Herman Menkhorst en Bart Floors lid vanaf de oprichting.  Andere oudgedienden waren G. Jellij, E. Bartelink sr., GJ Ooink, H. Lodeweeg, G.J. Leuverink, G.W. te Riet en G.j.  Paalman.
De 25-jarige vereniging maakte een levenskrachtige en zelfbewuste indruk, niet in het minst door de steun die ze van de Eibergse bevolking kreeg.

Dit alles bleek ook tijdens de viering van het zilveren jubileum, met op 14 en 15 februari twee feestavonden in de zaal van den heer J. Wormmeester. De eerste avond was, zoals toen gebruikelijk, bestemd voor de donateurs.

Begonnen werd met muziek en daarna hield de president een lange feestrede, waarvan hier het begin ervan:

“Mijn eerste woord zegt het u reeds als ge het nog niet wist, waarom wij allen hier zijn: wij willen heden met elkander feest vieren, wij zijn hier gekomen met jool in de ziel, wij willen hier getuigen van onze blijdschap, wij willen jubelen om den dag die wij beleven, want en dat is voorwaar geen kleinigheid, wij vieren vandaag onze zilveren bruiloft ja, het is waar, meerderen van ons zijn vandaag 25 jaar getrouwd.”

Hoewel deze taal door mensen van onze tijd gezwollen wordt gevonden, spreken er grote liefde en trots voor de vereniging uit.

Daarna bracht Heijmans de familie Prakke hulde voor alles wat ze voor Euphonia had betekend.  Vervolgens sprak burgemeester Wilhelm en na hem de heer Prakke, die zei, trots te zijn op de prestaties van het korps.  Na de opvoering van het toneelstuk ‘De Rijzweep’, werden er woorden van dank gesproken en kon er worden gedanst.

Hoe geslaagd deze avonden ook waren, het grote spektakelstuk van het jubileum was het Groot Nationaal Federatief Muziekconcours.